HhhH

‘Welk boek heb jij het laatste gelezen?’
‘HhhH’
‘?’
‘HahahaHa’
“?
‘Himmlers hersens heten Heydrich’. Een oorlogsroman van een soort waar er maar één van is. Deze.

Het verhaal is snel verteld. In mei 1942 wordt een van de kopstukken uit Nazi Duitsland, Reinhard Heydrich, de rechterhand van Himmler, uitvinder en regisseur van de Holocaust in Praag getroffen door een granaat, afkomstig uit het verzet. Heydrich overleeft deze uiteindelijk niet.  Een aanslag, zoals zovelen. Op een echt belangrijk man, dat wel,  al vaak beschreven. Maar dit keer toch anders. In een unieke formule. Laurent Binet tekende ervoor. Wat een talent!
Er is het verhaal van de aanslag, van alles wat er in detail gebeurde, kort ervoor, erna, en de hele aanloop ernaar toe. Voorgeschiedenis, politieke geschiedenis, personengeschiedenis. De historische feiten zijn door de auteur goed bestudeerd maar het blijft een verhaal, een roman, een op de werkelijkheid gebaseerd verhaal, maar wel een verhaal.
Daardoorheen speelt een ander verhaal. Niet een fictief verhaal maar het verhaal van de auteur die met zichzelf de strijd voert over het genre. Moet het een historisch verhaal worden? Geschiedschrijving? Of is het toch vooral roman, dus fictie? Veel van wat hij vertelt klopt en is ook bedoeld te kloppen. Maar waar ligt precies de grens? Af en toe roept hij, na een beschrijvend hoofdstuk uit: ‘zo was het niet, maar zo had het heel goed kunnen zijn’.

En er is nog een derde lijntje door het boek: noem het maar de persoon van de auteur zelf als figurant in zijn eigen verhaal. Niet als personage maar als de auteur die zichzelf inweeft in het verhaal. Zo kan het zo maar gebeuren dat hij een van zijn hoofdpersonen een sigaar op laat steken en dan vervolgt met de zin: ‘Ik steek er zelf ook een op’. Nu is dit wel een komische aanwezigheid, op andere momenten bespeur je worsteling, getergd zijn, walgen (als hij al schrijvend naar sommige foto’s van Nazi’s die in het boek voorkomen, kijkt). Soms gaat hij daarin naar mijn smaak iets te ver. Zoals aan het eind als hij schrijft dat hij uitgeput is. Lijkt me net even te theatraal, maar goed, het is hem vergeven., Want wat is het een lekker geschreven verhaal! Zelfs al is het over een man waarvan je gehoopt mocht hebben dat hij nooit had geleefd, zo’n harteloze, gewetenloze misdadiger en moordenaar van miljoenen.   En merkwaardig genoeg, ook iemand met een grote artistieke aanleg, violist, zoon van een componist.  Inderdaad, een merkwaardige, maar niet unieke combinatie.
Het is juist door het derde lijntje dat ik het meest geintrigeerd raakte in dit boek. Voor mij maakt dit  het boek  bijzondere. Een dergelijke ingenieuze formule kwam ik nog niet eerder zo tegen.

Share
This entry was posted in Boeken and tagged , , . Bookmark the permalink.

One Response to HhhH

  1. Pingback: De zevende functie van taal | Harm Klifman

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>