‘Ik spreek u vrij’, zei de vriendelijke rechter. ‘Maar om andere redenen dan u in uw bezwaarschrift aangeeft.’ En toen stond ik weer buiten. Blij en een beetje verbaasd.
Vorig najaar stond ik voor de kantonrechter in Lelystad. Ik had een bezwaarschrift ingediend tegen een boete die de officier van justitie mij had opgelegd. Dat naar aanleiding van een procesverbaal door een boa van Staatsbosbeheer. Wat was het geval?
Wij hebben al sinds 2000 een vakantiehuisje op bungalowpark De Bremerberg in Biddinghuizen. Inmiddels ken ik elk pad in de bossen en open natuurterreinen. Neemt niet weg dat er in de loop van al die jaren veel is veranderd en nog steeds verandert.

Fietspaden verdwenen, hekken en afrasteringen kwamen, percelen werden afgesloten voor publiek, andere werden heringericht tot wetlands, weer andere werden afgesloten om als broedgebied voor vogels te dienen. Ik nam het waar en voegde me ernaar. Sterker, ik zag overduidelijk dat de diversiteit in bos met aanvankelijk eenzijdige houtproductie na rigoureus kappen zichtbaar is toegenomen. In de maand dat mijn overtreding plaatsvond, zag ik voor het eerst een das.
Afijn, ik maakte een wandeling van een kilometer of elf, twaalf en begaf me daarbij op een veld waar we voorheen ’s avonds reeën gingen kijken. Daar stond de boswachter me op te wachten.
Of ik het bord ‘verboden toegang’ niet gezien had. Nee dus. Op de plaats waar ik het terrein had betreden stond geen bord. Nou, dat stond dus wel op de plek waar wij elkaar toevallig ontmoetten. Het terrein was gesloten om de groei van een bijzonder plantje te bevorderen. En daar kwam het bonnenboekje uit de zak. Niet lang daarna ontving ik een bekeuring. € 109,00 incl. administratiekosten. Dat bedrag was te overzien, maar de reden was niet overtuigend.
Ik tekende bezwaar aan. Op de plek waar ik het terrein had betreden stond immers geen bord. Ik had foto’s gemaakt en via een kennis het bestemmingsplan bekeken. Alles keurig opgestuurd. Volgens mij zat ik goed. Dit kon niet fout gaan.
Niet lang daarna lag er een bericht in de brievenbus. Een bezorger had mij persoonlijk een envelop willen overhandigen. Of ik een afspraak wilde maken. Prima. Er kwam een bode van de rijksdienst. Ik vroeg waar het over ging. Hij zei: ’nou, meestal gaat het bij zo’n envelop om iets ernstigs’. Ik moest voorkomen. Oké dan.
Daar zat ik dus, in de rechtbank van Lelystad, voor de kantonrechter. Ik had de zitting vóór mij als belangstellende bijgewoond om alvast te zien hoe dit gaat en om een beeld te hebben van de rechter.

Rechts van de rechter de officier van justitie, links de griffier en in het midden dus de rechter, een ontspannen, vriendelijke leeftijdgenoot, zo schatte ik in. Ik tegenover hem. Hij stelde me een aantal vragen over de bezwaren die ik had ingediend. Toen nam hij zelf het woord.
De rechter vertelde dat hij de avond tevoren, bij de voorbereiding van deze zitting, op Google Earth had gezocht naar de plek waar het incident zich had afgespeeld. Het ging om allerlei stukken grond tussen de Bremerbergdijk (tussen Biddinghuizen en Elburg) en de parallellopende Spijkweg (waaraan het evenemententerrein en Walibi liggen). ‘Als ik het procesverbaal van de boa lees, dan kan ik er eerlijk gezegd geen touw aan vastknopen. Het is mij volstrekt onduidelijk over welk gebied de boa het heeft. Die dijk is kilometers lang. Om deze reden, de onduidelijkheid in het proces verbaal, spreek ik u vrij. Let wel, om andere redenen dan u in uw bezwaarschrift hebt aangegeven.’
Blij en wat verbaasd reisde ik terug.
Ook nu weer: dingen lopen vaak anders dan je had verwacht.
(Dit blog verschijnt gelijktijdig in de Nieuwsbrief van de Vereniging Ouderenbelangen Voorschoten VOV)




